58 items · 8 secties

Paklijst Camino de Santiago

Op de Camino de Santiago draag je wekenlang alles zelf, dus elke gram telt. Ervaren pelgrims houden hun rugzak op maximaal zo'n tien procent van hun lichaamsgewicht: in de praktijk vijf tot zeven kilo, zonder water. Je slaapt in albergues, wast bijna elke dag je kleren en koopt eten gewoon onderweg. Drie setjes sneldrogende kleding zijn daarom echt genoeg.

Deze lijst is voor iedereen die naar Santiago de Compostela loopt, of je nu de volledige Camino Francés doet of de laatste honderd kilometer vanaf Sarria. Alles past in een rugzak van dertig tot veertig liter. Vink af wat mee gaat en voeg je eigen spullen toe.

Voor wie: pelgrims en wandelaars op weg naar Santiago de Compostela, over de Camino Francés, de Camino Portugués of een andere route. Wanneer: het wandelseizoen loopt van april tot oktober; juli en augustus zijn heet en druk. Let op: vraag je credencial (pelgrimspaspoort) vooraf aan, bijvoorbeeld bij het Nederlands Genootschap van Sint Jacob. Voor de Compostela loop je minstens de laatste honderd kilometer te voet.

Reisduur

Kies je reis en de lijst past zich aan. Verborgen regels tellen niet mee in je voortgang.

Documenten & geld

Voor je vertrekt

Wandelkleding

Drie setjes volstaan

Schoenen & voeten

Je belangrijkste uitrusting

Slapen in de albergue

Voor de slaapzaal

Verzorging & apotheek

Klein en licht

Onderweg op het pad

Zon, water, pauzes

Elektronica

Opladen waar het kan

De rugzak, slim gevuld

Alles op je rug

Paklijst voor de Camino de Santiago: je route bepaalt je bagage

Er is niet één camino. De beroemdste route is de Camino Francés, die begint in Saint-Jean-Pied-de-Port aan de Franse kant van de Pyreneeën. Vanaf daar loop je in ruim vier weken zo'n 780 kilometer naar Santiago. Reis je een dag eerder af om rustig aan te komen, kijk dan ook even naar de paklijst voor Frankrijk. De Camino Portugués vanaf Porto is met ongeveer 240 kilometer een stuk korter en vlakker, ideaal als je twee weken hebt. Voor de dagen rond de start helpt de paklijst voor Portugal je op weg. En dan is er nog de Camino del Norte langs de Spaanse noordkust: ruiger, heuvelachtiger en koeler, met de zee bijna altijd in zicht.

Je route bepaalt wat er extra mee gaat. Op de Francés steek je op de eerste dag meteen de Pyreneeën over en kan het boven zelfs in de zomer koud en mistig zijn. Op de Norte hoort regenkleding standaard bovenin je rugzak. En op de Portugués loop je vaker langs de kust, waar zon en wind samen harder aankomen dan je denkt. De basis blijft overal gelijk, en veel algemene spullen vind je ook terug in de paklijst voor Spanje.

Het beste seizoen om te lopen

De meeste pelgrims kiezen voor mei, juni of september, en dat is niet voor niets. De dagen zijn lang, de temperaturen zijn mild en vrijwel alle albergues zijn open. In juli en augustus wordt het pittig. Op de Meseta, de hoogvlakte tussen Burgos en León, is schaduw schaars en klimt het kwik regelmatig boven de vijfendertig graden. Het is dan ook het drukst op het pad, zeker op de laatste honderd kilometer.

In het voorjaar is alles groen en bloeien de velden, maar houd rekening met regen en modder. Galicië, de regio rond Santiago, is sowieso de natste hoek van Spanje. Zelfs in augustus kan het er dagen achter elkaar regenen, dus regenkleding gaat in elk seizoen mee. In de winter is de camino stil en zijn veel albergues dicht. De hoge Napoleonroute over de Pyreneeën is dan gesloten en loop je onderlangs, via het dal van Valcarlos.

Loop je in de hoogzomer, doe dan als de Spanjaarden. Vertrek bij het eerste licht, plan je koffiestop rond negen uur en zorg dat je in de vroege middag binnen bent. De uren tussen twee en vijf zijn om te rusten, niet om te lopen.

Zo ziet een dag op de camino eruit

Een caminodag heeft een eigen ritme, en dat ritme bepaalt wat je nodig hebt. Rond zes uur hoor je in de slaapzaal de eerste ritsen. Je loopt in de koelste uren van de dag, met na een uur of twee een stop in een dorpsbar voor koffie met een punt tortilla. Ergens tussen één en drie kom je aan bij je volgende albergue. Dan volgt het vaste rijtje: douchen, kleren wassen en alles te drogen hangen in de zon.

De rest van de middag is voor je voeten en je hoofd. Je schrijft wat bij, drinkt iets op een plein en zoekt een winkeltje voor het ontbijt van morgen. 's Avonds schuif je aan voor het pelgrimsmenu, drie gangen met wijn of water voor een tientje tot vijftien euro. Voor tien uur liggen de meeste pelgrims in bed, want dan gaan in veel albergues de deuren dicht en het licht uit. In dit ritme merk je vanzelf hoe weinig je echt gebruikt. Alles wat een week lang onaangeraakt in je rugzak zit, is een kandidaat om naar huis te sturen.

Wat je beter thuislaat

De grootste fout op de camino is niet te weinig meenemen, maar te veel. Bij backpacken draag je je tas van het busstation naar het hostel en staat hij daarna dagen stil. Op de camino draag je elke gram zes uur per dag. Schrap dus tot het schuurt. Deze spullen blijven bij ervaren pelgrims steevast thuis:

  • Spijkerbroeken en katoenen shirts, want die zijn zwaar en drogen traag
  • Een grote badhanddoek, een kleine microvezelhanddoek doet hetzelfde werk
  • Volle flessen shampoo en douchegel, kleine reisverpakkingen zijn genoeg en overal bij te kopen
  • Een dikke papieren gids, een app of losse kopietjes per etappe wegen bijna niets
  • Een tweede paar wandelschoenen, met slippers voor de avond kom je er al
  • Alles waarvan je denkt: misschien handig. Twijfel je thuis al, dan blijft het thuis

Onthoud dat je vrijwel de hele weg door bewoond gebied loopt. Bijna elk dorp heeft een winkeltje, elke stad een apotheek, en in grotere plaatsen als Pamplona, Burgos en León vind je buitensportwinkels. Wat je mist, koop je onderweg, vaak binnen een dag.

Trainen begint maanden voor je vertrek

De camino is geen topsport, maar je lichaam moet wel wennen aan dag na dag lopen. Begin twee tot drie maanden van tevoren met wandelen en bouw rustig op richting twintig kilometer per dag. Train de laatste weken met je gevulde rugzak, met precies het gewicht dat straks mee gaat. Zo voel je op tijd waar je schouders en heupen gaan klemmen en of je sokken de juiste zijn.

Plan als generale repetitie een weekend met twee lange wandeldagen achter elkaar, want juist op dag twee voel je wat dag één met je lichaam heeft gedaan. Een meerdaagse tocht in Nederland of net over de grens is daar perfect voor. De paklijst voor een wandelvakantie en de paklijst voor een huttentocht helpen je bij zo'n oefentocht op weg.

Praktisch: de heenreis, rugzaktransport en aankomen

Voor de Camino Francés vlieg je meestal naar Biarritz, Bilbao of Pamplona en reis je met bus of trein door naar Saint-Jean-Pied-de-Port. Vanuit Santiago vlieg je aan het einde rechtstreeks terug of via Madrid. Controleer voor vertrek de bagageregels van je maatschappij, want die luisteren nauwer dan je denkt. De paklijst voor een vliegvakantie zet alle vliegzaken voor je op een rij.

Wandelstokken mogen niet mee in de handbagage, die moeten in het ruim. Reis je alleen met handbagage, koop dan voor een paar euro stokken in Saint-Jean of Sarria en geef ze aan het einde door aan een pelgrim die net begint.

Twijfel je of je het dragen wekenlang volhoudt, dan is er een nette uitweg. De Spaanse post en lokale koeriers vervoeren je rugzak vanaf een euro of vijf per etappe naar je volgende overnachting, terwijl jij met een klein dagtasje loopt. Veel pelgrims gebruiken die dienst tijdelijk, bijvoorbeeld bij een blessure of op een lange, zware etappe. Dat is geen valsspelen, dat is slim omgaan met je lijf.

En dan, na al die dagen, sta je opeens op het plein voor de kathedraal. Je rugzak glijdt van je schouders en je weet: alles wat ik nodig had, paste hierin. Dat inzicht neem je mee naar elke reis die hierna komt.

Van de redactie

Drie dingen die ervaren pelgrims altijd doen

Weeg je rugzak voordat je vertrekt

De vuistregel op de camino is maximaal zo'n tien procent van je lichaamsgewicht, zonder water. In de praktijk kom je met vijf tot zeven kilo prima uit. Pak je rugzak thuis volledig in, hang hem aan een weegschaal en schrap net zolang tot je eronder zit. Alles wat je mist, koop je onderweg in elk Spaans dorp.

Loop je schoenen maandenlang in

Blaren zijn de grootste boosdoener op de camino, en nieuwe of verkeerde schoenen zijn bijna altijd de oorzaak. Loop je schoenen minstens twee maanden vooraf in, het liefst met gevulde rugzak. Plak drukplekken meteen af zodra je ze voelt, niet pas aan het einde van de etappe. Verschoon je sokken halverwege de dag, dan blijven je voeten droog.

Regel de credencial vooraf en pak contant geld

Zonder credencial kom je de gemeentelijke albergues niet in en krijg je in Santiago geen Compostela. Vraag het pelgrimspaspoort vooraf aan bij het Nederlands Genootschap van Sint Jacob, of koop het bij het pelgrimsbureau op je startpunt. Op de laatste honderd kilometer verzamel je minstens twee stempels per dag. Houd daarnaast contant geld bij de hand, want kleine albergues en dorpsbars pinnen lang niet altijd.

Veelgestelde vragen

Veelgestelde vragen over de Camino de Santiago

Een rugzak van dertig tot veertig liter met drie setjes sneldrogende kleding, ingelopen wandelschoenen, slippers voor de avond, een lakenzak of lichte slaapzak, blarenzorg, oordopjes en je credencial. De vuistregel: alles samen weegt maximaal zo'n tien procent van je lichaamsgewicht. Je wast onderweg bijna dagelijks, dus meer kleding heb je niet nodig.
Houd zo'n tien procent van je lichaamsgewicht aan, zonder water. De meeste pelgrims komen uit op vijf tot zeven kilo in een rugzak van dertig tot veertig liter. Wordt het toch te zwaar, dan kun je op de populaire routes je rugzak per etappe laten vervoeren en zelf met een licht dagtasje lopen.
In de zomer is een lakenzak meestal genoeg. Loop je in het voor- of naseizoen, neem dan een lichte slaapzak mee, want verwarming ontbreekt vaak en dekens liggen niet in elke albergue. Een eigen lakenzak is sowieso fris op een matras waar elke nacht iemand anders slaapt.
De credencial is je pelgrimspaspoort: een boekje waarin je onderweg stempels verzamelt bij albergues, kerken en bars. Je hebt het nodig om in de gemeentelijke albergues te slapen en om in Santiago het aankomstcertificaat, de Compostela, te krijgen. In Nederland vraag je de credencial aan bij het Nederlands Genootschap van Sint Jacob, en anders koop je er een bij het pelgrimsbureau op je startpunt.
Lichte, ademende wandelschoenen of stevige trailrunners zijn voor de meeste routes de beste keuze; zware bergschoenen zijn niet nodig en geven sneller blaren. Loop ze ruim van tevoren in, met je rugzak op. Combineer ze met wandelsokken van merinowol en neem slippers of sandalen mee voor de avond en de douche.
Ja. Vink af wat je al hebt ingepakt, verberg de afgevinkte regels voor overzicht en voeg onderaan je eigen spullen toe, van een extra paar sokken tot een opblaasbaar kussentje. Daarna print je de lijst of stuur je hem naar jezelf, inclusief je toevoegingen.
Gratis & af te drukken

Neem de lijst mee op pelgrimspad

Liever met pen afvinken terwijl je rugzak aan de weegschaal hangt? Haal de complete camino-lijst gratis op als nette PDF en print hem thuis even uit.

0%